Klaas was als kind licht motorisch gestoord, maar daar werd verder niet over nagedacht. Tot bij een oom de diagnose neurofibromatose type 1 werd gesteld, ook wel de ziekte van Recklinghausen genoemd. NF1 is een, voor 50%, erfelijke ziekte, vandaar dat de hele familie van klaas werd onderzocht. Zo kwam men tot de ontdekking dat ook Klaas NF1 onder de leden had. NF1 is een ziekte waarbij goedaardige gezwellen (neurofibromen) kunnen ontstaan op de omkapseling van zenuwen. Deze zenuwen kunnen door de groeiende gezwellen in de verdrukking komen, met als gevolg pijn, maar ook het uitvallen van lichaamsfuncties en complete ledematen. Er bestaat geen echte medische oplossing voor NF1. Hoogstens worden erg lastige gezwellen weggesneden. Maar omdat de wortel van het gezwel altijd in een zenuw zit, loopt de patiënt bij een operatie een vrij zekere fysieke schade op. Dit kan verlammingsverschijnselen betekenen of de uitval van complete lichaamsdelen.
Verlammingsverschijnselen
Eenmaal verwijderde gezwellen komen voor 80% zeker terug, maar je weet niet van tevoren waar en vooral hoe groot ze worden. Het enige wat de medische wetenschap kan doen met NF1 is symptoombestrijding, zoals pijnbestrijding. Vanaf zijn 15e brak de ziekte bij Klaas definitief door. Hij kreeg pijnklachten over zijn hele lichaam, met name onderin zijn rug. Last van incontinentie en verlammingsverschijnselen in zijn onderbenen. Bij Klaas zaten de neurofibromen vooral op de zenuwen onder in zijn ruggen graat.
Coma
Doktoren stelden vast dat operatief verwijderen te riskant was, omdat dit totale verlamming tot gevolg zou kunnen hebben. Besloten werd daarom om alleen aan pijnbestrijding te doen. Klaas werd naar Groningen gestuurd en kreeg daar een portocadd aangemeten. Dit is een apparaatje dat via het borstbeen, met een slangetje, door het lichaam heen direct met de hoofdzenuw van de onderrug verbonden is. Door het medicijn direct tegen de hoofdzenuw van rug aan te spuiten wordt het snelste resultaat bereikt.
Als de pijn te hevig werd kon Klaas op een knopje drukken, maximaal 12 keer per uur voor een extra dosis dormicum en clonidine. Deze medicatie bezorgde Klaas tot drie keer toe een hersenvlies ontsteking, waarbij hij telkens weken in coma lag.
Wezenloze morfinejunk
Bij de derde keer kon Klaas niet bewegen of zien, maar wel alles horen. Hij hoorde de behandelend arts zeggen: "deze jongen komt nooit meer bij, zowel fysiek als lichamelijk". Enkele weken later joeg Klaas diezelfde arts de stuipen op het lijf door ineens zijn been te bewegen en te roepen: "hey klootzak, mijn benen doen het nog!" De Portocadd werd verwijderd en Klaas werd geadviseerd om dan maar weer aan de morfine te gaan, nu had Klaas in het verleden al eens morfine gebruikt en was daar compleet aan verslaafd geraakt. En dat was op zich nog niet eens zo erg, maar Klaas had telkens een grotere dosis nodig en kreeg maagklachten. Een leven als een wezenloze morfinejunk trok hem niet en hij weigerde alle medicatie.
Jointje verminderde pijn
Klaas was nu 18 jaar en ging "gekke dingen" doen, zoals hij zelf zegt. Hij ging zich pijn doen om zijn pijndrempel te verleggen. Hij laat het me zien. Slaat zichzelf in het gezicht, stompt zichzelf harder en zegt: "kijk, als je dit gewend bent, dan doet dit" (slaat nu erg hard) "geen pijn meer". Ik wordt er een beetje misselijk van en vraag niet wat hij nog meer deed om zijn pijngrens te verhogen. Zo rond zijn 24e maakte Klaas kennis met cannabis, of soft drugs, zoals hij het noemt. Rond die tijd kreeg hij ook meer pijn en ontdekte dat een jointje die verminderde. Telkens als een nieuw gezwel zich vormde ging hij naar 'de Tevreden Rookster' in Groningen en rookte wat gedurende de weken dat het nieuwe gezwel groeide. Klaas kocht links en rechts wat wiet, maar gebruikte soms maandenlang helemaal niets.